over ons

Van Boerderij tot Cafetaria

In de vorige eeuw (de 19e)
werd aan de Reeweg een boerderij gebouwd door de heer Folkert de Boer
op plaats waar reeds een boerenbedrijf was gevestigd. De boerderij, die
in het dorp de naam ‘Folkert’s schuun’ (de schuur van Folkert).

De
Reeweg was toen een zandweg, die richting de rede (de plaats waar de
schepen bij het eiland voor anker gingen, ten westen van de huidige
jachthaven) de Banckspolder met het dorp verbond. Naast de boerderij
stond het “Bestelhuis en wachtlokaal der Motorboot”, het voormalige
‘Recht- en Raadhuis’, daarna Posthuis en thans Hotel Van der Werff.

De schuur van de boerderij langs de Reeweg en had de grote schuurdeuren gesitueerd op de plaats waar thans de Voorstreek begint.  

 Logementhouder

Folkert
Hendrik de Boer zette in 1852 het bedrijf van zijn stiefvader Johan
Cremer (gehuwd met de weduwe Renske Folkerts de Boer) na diens
overlijden voort. Het was een gemengd bedrijf: boerenbedrijf (akkerbouw
en veeteelt), een voermanderij, brievengaarderschap (soort
postkantoorhouder) en logement. Hij was hiermee de vijfde herbergier van
wat later Hotel Van der Werff zou gaan heten. Zijn zoon Folkert nam
later de PTT activiteiten van hem over en vestigde zich in de
Middenstreek in het pand waarin thans de Sâpkum is gevestigd. Folkerts
seniors tweede zoon Hendrik zette de voermanderij en het boerenbedrijf
aan de Reeweg voort. Terwijl dochter Ake en haar man Albert Klontje
samen met de weduwe van Folkert senior het logement onder de naam “Hotel
mej. De Weduwe F. de Boer” voort zetten. In 1907 overleed de weduwe De
Boer en een jaar later werd Albert Klontje benoemd tot
gemeenteontvanger. Het Hotel werd overgedragen aan Hendrik de Boer en
diens echtgenote Aukje. Deze hadden te weinig zakelijk inzicht om het
hotel goed te kunnen voeren. Daarbij hadden zij het wel erg druk met de
werkzaamheden op het naast gelegen boerenbedrijf annex voermanderij. In
1913 nam pensionhouder en voormalig dorpsveldwachter Sake van der Werff
het hotel over. Het echtpaar De Boer bleef wonen in het woonhuis van de
boerderij. Van der Werff verbouwde de schuur (Folkerts schuun) later tot
bioscoop annex danszaal.  

 

Schoenreparatie-bedrijf

Op
25 juli 1939 ontstond in Folkerts schuun brand doordat een film van
Laurel en Hardy vlam vatte. De schuur brandde geheel af, het woonhuis
kon behouden worden. De schuur werd niet weer herbouwd.

Het
woonhuis werd later overgenomen door de familie Bouwhuis, die er een
winkel-woonhuis met schoenreparatie-werkplaats van maakten. In het begin
van de vijftiger jaren werd het bedrijfje overgenomen door Schoenenhuis
Van Dijk uit Dokkum. Het filiaal annex schoenreparatie werd de laatste 
tijd gerund door de heer en mevrouw Broerse. In 1973 werd gestopt met
de schoenreparaties op het eiland en werden schoenen voor reparatie naar
het bedrijf te Dokkum verstuurd.

In
1975 werd Klaas Sikkema, tot dan verkoopadviseur bij de Hema,
filiaalhouder van de Schiermonnikoger schoenenwinkel. Na enkele goed
verkoopjaren, deelde de heer Van Dijk jr hem eind 1979 mede, dat hij het
bedrijf wilde afstoten. Invoering van goedkope bootabonnementen zorgden
voor een grotere mobiliteit van de eilander cliëntele. Hierdoor liep in
twee jaar de omzet ziender ogen naar beneden.

Snackbar-broodjeshuis

Na
veel wikken en wegen besloten Klaas en Janny Sikkema het pand over te
nemen om hierin een snackbar te vestigen. Ondanks bezwaren en een kort
geding van hotelhoudster mej. A. Bol en een aantal ondernemers in
dezelfde branche, kon snackbar De Halte op 26 mei 1980 officieel haar
deuren openen.

Nadat
het eerst de bedoeling was om de oude naam, Folkert’s schuun, in de
naam van de snackbar te verwerken (Veurhus Folkert’s schuun), werd
gekozen voor de naam De Halte. De eerst bedachte naam was te lang en
voor vele gasten onuitspreekbaar.

 De Halte dankt zijn naam aan de plaats gelegen naast de bushalte in de Reeweg.  

 Cafetaria De Halte

In
1989 werd het pand grondig verbouwd en kwam er achter de zaak een nieuw
woonhuis. De klantenruimte werd behoorlijk vergroot, evenals de
werkruimte achter de verkoopvitrines. Het bedrijf veranderde tevens de
naam in Cafetaria De Halte en kreeg als beeldmerk het bekende vogeltje.
Dit beeldmerkvogeltje heeft de bijnaam Miesje gekregen. Beide kinderen,
Roland en Marjan, alsmede hun partners werken mee in het familiebedrijf.
Sinds 1997 als is de familie ook eigenaar van  drink- & eethuis De
Berkenplas.

In
2008 werd het bedrijf opnieuw ingrijpend verbouwd. En werd  verder
gegaan onder de naam Kwalitaria De Halte. Het bedrijf was toegetreden
tot de selecte groep van kwaliteits-cafetaria’s, die een landelijk
samenwerken onder de naam Kwalitaria.

 Het concept was prima, maar bleek op het eiland niet dat op te leveren als werd verwacht. Besloten werd na zes jaar Kwalitaria weer verder te gaan met De Halte. Henk
en Klaas ontwierpen een eigen huisstijl, die overal in en rond het
bedrijf is te vinden. Verder werd er een assortiment samengesteld, die
niet of nauwelijks onder doet aan die van de Kwalitaria. De Halte hoopt
hiermee weer jaren vooruit te kunnen.